Kinderpolitiek: wel of niet weten hoe hazen lopen

Er zijn veel uitdrukkingen die op politiek handelen betrekking hebben. Soms geven ze regels, ‘laat je geen knollen voor citroenen verkopen’. Soms karakteriseren ze handelingswijzen, zoals ‘om de hete brij heen draaien’, voor mij met een speciale betekenis. Eén regel met een sterke politieke betekenis luidt: ‘weet hoe de hazen lopen’. Ze is omstreden en vooral acceptabel voor politieke dieren. Die volgen overigens de regel zonder hem te kennen. Ze kan evenzeer weerstand oproepen bij anderen, met name bij die anderen die ‘van de inhoud zijn’, die niets moeten hebben van politiek spel.

Nu denk ik dat het in complexe omgevingen niet alleen goed maar ook noodzakelijk voor mensen is om te weten hoe de hazen lopen. De kern van politiek vermogen bestaat uit het vermogen om dat te weten te komen. Mensen die tegen politiek zijn willen dat niet weten. Zodra ze echter in een politiek spel verzeild raken, en dat gebeurt maar al te snel in moderne en complexe organisaties, dan moeten ze dat bezuren. Willen ze dan het hoofd boven water houden dan zullen ze door schade en schande moeten leren om goed om zich te kijken.

Inzicht in het lopen van de hazen kan al vroeg bij kinderen ontstaan. En zij kunnen daar ook groot plezier van beleven. Het volgende laat zien hoe dat inzicht iemand kan helpen om uit de brand te blijven. Ik maak gebruik van een verhaal dat een studente vertelde.

“In groep 7 maakte ik deel uit van een groep van 6 meisjes. Onder strenge leiding van één meisje maakten we samen een tekenboek, dat aan het einde van het jaar aan de juffrouw cadeau zou worden gedaan. Het was een exclusief clubje, dat een exclusief cadeau zou maken. De eisen waren hoog, de toelating was stringent, en de leidster bepaalde wie wat moest doen en wanneer een  tekening goed genoeg was.

Ik had als  taak tekeningen in te kleuren. Dat ging niet goed, omdat aangeleverde tekeningen veel doorgegumde lijnen hadden, die een goede inkleuring belemmerden. Maar ik kreeg de schuld, hoe ik ook aangaf dat het aan de tekeningen lag. Wat te doen?”

Stel dat dit meisje ‘van de inhoud ’ zou zijn geweest. Ik kan me dan twee reacties voorstellen. Ze kan boos worden en in protest gaan. Zij doet haar best maar anderen verpesten het. Of ze kan accepteren dat het aan haar ligt en nog beter haar best doen. Beide reacties vergroten de kans dat ze de schuld krijgt voor slechte tekeningen en uit de groep wordt gezet, de zwaarst denkbare straf. Dat loopt dan uit op verdriet, en mogelijk op verbittering en wantrouwen.

De verstelster van het verhaal blijkt een andere keuze te maken, de keuze die we van een politiek dier mogen verwachten. Die begint met interesse in het lopen van de hazen in de meisjesgroep en bereidheid om daar nuchter rekening mee te houden. Laten we het vervolg van haar verhaal lezen.

“Als het zo doorging dreigde ik ieder tegen me te krijgen, met als mogelijkheid uit de groep te worden gezet. Ik stapte naar de leidster toe en stelde voor, dat ik zou gaan tekenen, het inkleuren ging immers niet goed. Die regelde met een ander meisje dat we van taak wisselden. Toen nam ik mijn kans waar. Ik maakte tekeningen, waarin dikke lijnen weg gegumd waren.Toen mijn vervangster deze ging inkleuren bleek dat ook bij haar moeilijkheden en verwijten van anderen op te leveren. Toen dat gebeurde sprak ik de hele groep aan op het probleem van de doorgegumde lijnen en kreeg daarin gelijk.”

Weten hoe de hazen lopen blijkt hier te bestaan uit inzicht in wat andere meisjes gaan doen als zij doorgaat met inkleuren. Ze kent haar pappenheimers, weet dat ze liever geen schuld op zich willen nemen. Als het mis gaat met het tekenen dan leggen ze liever de schuld bij een ander. Hazen lopen nu eenmaal hun hazenpaadjes en wijken daar niet graag van af. Als ze dit laat doorgaan zal zich een machtsspel ontwikkelen, waarin de anderen niet zichzelf maar haar de schuld geven van de slechte tekeningen. En vervolgens zullen die anderen elkaars macht mobiliseren en via de strenge leidster haar buitensluiten van de groep. De ergste straf die een kind kan vrezen.

Dit inzicht maakt haar niet boos of bang, maar ze accepteert het als een gegeven op basis waarvan ze eigen keuzes moet maken. Ze gaat niet in protest maar neemt schijnbaar de schuld van het slechte inkleuren op zich. Daardoor zorgt ze van de inkleuringstaak te worden ontheven en tegelijk een andere uitvoerbare taak te krijgen. Buitensluiten is daarmee voorkomen. Vervolgens zorgt ze ervoor dat ook haar vervangster niet in staat is de taak van het inkleuren goed uit te voeren. Als ze dan de moeilijkheid van het inkleuren ter discussie stelt staat ze niet meer alleen en krijgt ze gelijk. Slim spel, goed gespeeld.

Het voorbeeld laat twee dingen zien. Ten eerste hoeft goed politiek handelen ethisch niet slechter te zijn dan handelen waarin alleen de inhoud telt. Wie weet hoe de hazen lopen brengt zijn omgeving in rekening en kan daardoor verstandige keuzen maken, die niet alleen in het eigen belang hoeven te zijn, maar ook in het belang van anderen. Ten tweede krijgt we zicht op de betekenis van een andere uitdrukking: ‘jong geleerd is oud gedaan’. De omgang tussen kinderen is evenals die tussen volwassenen politiek geladen. Wie het ‘politieke vak’ jong leert en merkt hoe groot het succes ervan is zal het blijven beoefenen. Wie van de inhoud blijft en het gebeuren tussen mensen negeert zal minder leren, minder zicht ontwikkelen op het lopen van hazen, en ook later minder in staat om het politieke spel van het samenwerken goed en verstandig te spelen.

This entry was posted in De kijk van Martin Hetebrij op de politieke dierentuin. Bookmark the permalink.

2 Responses to Kinderpolitiek: wel of niet weten hoe hazen lopen

  1. Fred Stuger says:

    Het lijkt er in dit voorbeeld op dat je het (oneerlijke) spel maar gewoon mee moet
    spelen. Je moet conformeren aan de leider. Tegen de macht moet aanschurken
    Je eigen integriteit beter kunt opgeven om een (slim) resultaat te bereiken.
    Menig dictator kon op deze wijze zijn slaafse navolgers mobiliseren.
    Je moet volgens mij ook een sluwe inborst hebben om je bij dit berekenende
    gedraai prettig te voelen. Een mens met een integere inborst kan, volgens mij,
    beter een andere methode volgen.

    • admin says:

      Beste Fred,

      Een eerste vraag. Wat was er onethisch aan de wijze waarop het meisje in het voorbeeld haar probleem oploste? Ze heeft door haar ‘slimheid’ juist onrechtvaardigheid voorkomen. Een tweede vraag. Wat zou er fout aan zijn om goed te weten wat mensen in je omgeving aan het doen zijn en dat in je eigen handelingskeuzen mee te nemen? Is dat onethisch?
      Ik vind ethiek erg belangrijk, evenals integriteit. Maar de omstandigheden moeten wel meegenomen worden bij de toepassing van ethische regels. In de Tweede wereldoorlog had men in bepaalde kerkgenootschappen moeite met de vraag of je mocht liegen als je onderduikers in huis had. Liegen mocht niet, dat was onethisch. Maar het was ook onethisch om toe te staan dat een Joodse onderduiker door Duitsers werd meegenomen.
      In de omgang met mensen uit je omgeving gaat het vaak om dergelijke ethische dilemma’s. Het gaat om je eigen ethische regels, maar ook om de ethische problemen die kunnen ontstaan als je die ethische regels klakkeloos volgt. Wie blind voor omstandigheden alleen maar de eigen regels volgt wordt een moralist. Wie echter de regels opgeeft wordt een cynicus. Ik wil geen van beide. Ik zoek een weg tussen beide door.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>